Doelstelling van -35% CO2-uitstoot voor België tegen 2030 bevestigd

België weet nu definitief met hoeveel het zijn broeikasgasemissies in de niet-ETS-sectoren moet verminderen tegen 2030. Zoals reeds verwacht werd, ligt de lat zeer hoog. Hoog tijd nu om de handen uit de mouwen te steken.

Geschreven door Pieterjan Debergh, COMPETENTIECENTRUM DUURZAME ONTWIKKELING & MOBILITEIT
10 januari 2018

Het Europese klimaatbeleid is opgesplitst in twee grote domeinen: enerzijds het Europese Emissiehandelssysteem (EU-ETS), waar de energiesector en de energie-intensieve industrieën (EII) onder vallen, en anderzijds alles wat daarbuiten valt (gebouwen, transport, landbouw, en de industrie die niet EII is). Voor deze niet-ETS-sectoren zijn de nationale doelstellingen voor 2030 net voor het jaareinde vastgelegd.

Eén van de grote discussiepunten was hoeveel inspanningen elke lidstaat moet doen. Dit wordt in sterke mate bepaald door of men in de berekening uitgaat van "solidariteit" (met bbp per capita als verdeelsleutel) of kostenefficiëntie (waarbij men de verdeling met de laagste totale kosten op EU-niveau hanteert). Voor België is dit heel belangrijk, getuige het grote verschil in doelstelling tussen beide scenario’s: -37% (solidariteit) versus slechts -24% (indien op basis van kostenefficiëntie), zoals vermeld in de "Belgian non paper on effort sharing methodology").

Na lange onderhandelingen is de Belgische doelstelling uiteindelijk vastgelegd op -35%, met daarnaast enkele flexibiliteitsmechanismen die voor -2,5% kunnen gebruikt worden. Daarnaast is er lang gediscussieerd over de startwaarde van het lineaire traject tot 2030 en het tijdstip waarop dit traject precies start, maar uiteindelijk is dit alles vrij dicht bij het originele Commissievoorstel gebleven.

Globaal genomen houdt dit pakket een enorme uitdaging in voor België. Dit wordt snel duidelijk wanneer men de (amper dalende) verwachte emissies vergelijkt met het vooropgestelde (sterk dalende) traject. Een andere manier om de hoogte van de inspanning duidelijk te maken is om de geassocieerde CO2-prijs bekend te maken, maar de Europese Commissie heeft dit geweigerd. Ons gevoel was dat er weinig politieke wil was om dit cijfer bekend te maken.

VBO – Het VBO heeft altijd betreurd dat kostenefficiëntie niet echt in aanmerking gekomen is in de verdeling van de inspanningen (*), ondanks het Belgische pleidooi ter zake. Hierdoor moet België relatief zwaardere inspanningen doen dan de ons omringende landen. Deze zwaardere doelstelling kan niet ten koste gaan van de competitiviteit van de industrie die reeds veel inspanningen geleverd heeft i.v.m. energie-efficiëntie. Zoals in het verleden, heeft België een doelstelling aanvaard zonder te weten wie wat doet. Hoe is deze doelstelling verdeeld tussen de regio’s? De discussies over de verdeling van onze 2020-doelstelling hebben meer dan 6 jaar geduurd … Dit alles kan niet los gezien worden van de huidige discussie over het energiepact. Spijtig genoeg moet die laatste nog enorm veel vooruitgang boeken voor België eindelijk een echte visie rond energie krijgt. Hoog tijd dus om de handen uit de mouwen te steken.

(*) Lees ook ‘Belgische doelstelling van -35% inzake de reductie van broeikasgassen tegen 2030 is disproportioneel


Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.

VBO-NIEUWSBRIEF IMPACT

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.