Nieuwe sociale maatregelen op 1 januari 2018

Begin 2018 is een reeks nieuwe maatregelen voor de bedrijven in werking getreden. Hierna volgt een overzicht van de voornaamste.

09 januari 2018

Taxshift: verlaging van het faciaal tarief tot 25%

Op 1 januari 2018 bedraagt het faciaal tarief voor werknemers uit de profitsector 25%.

De stapsgewijze daling van de werkgeversbijdragen naar 25% werd ingezet in het tweede kwartaal van 2016. Deze daling naar 25% wordt gerealiseerd door zowel de basiswerkgeversbijdrage als de loonmatigingsbijdrage gefaseerd te verminderen. Juridisch wordt de basiswerkgeversbijdrage voor werknemers uit categorie 1 (de profitsector) van artikel 330, eerste lid van de programmawet (I) van 24 december 2002 verminderd van 22,65% naar 19,88%. Anderzijds wordt de verlaging ook doorgevoerd in de loonmatigingsbijdrage, die daalt van 7,35% naar 5,12%.

Jaarlijkse vakantie arbeiders

Sinds 2015 wordt het bijdragepercentage voor de jaarlijkse vakantie arbeiders gefaseerd verlaagd. Deze vermindering van de bijdragevoet wordt toegepast op de trimestriële bijdrage die historisch 6% bedroeg. Op 1 januari 2018 wordt deze een laatste keer verlaagd om recurrent te dalen van 5,61% naar 5,57%. De jaarlijkse bijdrage van 10,27% blijft ongewijzigd.

Fonds Sluiting Ondernemingen

Op het Beheerscomité van het Fonds Sluiting Ondernemingen is omtrent de bijdragevoeten voor 2018 een akkoord bereikt. Toch nog enig voorbehoud gezien deze beslissing moet worden bevestigd door de Nationale Arbeidsraad in de maand januari. In 2018 zal de bijdrage voor de klassieke opdrachten van het Fonds dalen tot 0,14% of 0,19%, naargelang de onderneming minder dan 20 werknemers dan wel 20 of meer werknemers tewerkstelt, terwijl ze in 2017 0,18% en 0,22% beliep. De bijdrage voor de financiering van de tijdelijke werkloosheid zal ook dalen naar 0,11%.

 

Winstpremie

Vennootschappen die winst maken, kunnen die geheel of gedeeltelijk uitkeren aan hun werknemers  (grens = 30% van de loonmassa). Op aldus toegekende deelnemingen in speciën is een voordelige fiscale en parafiscale behandeling van toepassing. 

Verhoging van de leeftijd voor toegang tot SWT

Enkel de werknemers geboren in 1959 en eerder kunnen nog een SWT-stelsel genieten (lange loopbanen of zware beroepen) als ze ontslagen worden in 2018 (voor zover dit is voorzien in een cao). De leeftijd van 59 jaar moet ten laatste op het einde van de arbeidsovereenkomst bereikt zijn.

De begunstigde van een SWT (brugpensioen) moet niet meer wachten tot 65 jaar om met pensioen te gaan

Voortaan kan de begunstigde van een SWT ook met vervroegd pensioen zodra hij de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden vervult.

Activeringsbijdrage

Ondernemingen die het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) omzeilen door hun oudere werknemers (55+) vrij te stellen van arbeidsprestaties, zullen een activeringsbijdrage verschuldigd zijn. Het bedrag daarvan schommelt tussen 10% en 20% van het brutokwartaalloon van de werknemer; het hangt af van de leeftijd van de werknemer op het moment van de vrijstelling en van het al dan niet toekennen van activeringsmaatregelen.

Kosteloze terbeschikkingstelling van PC, tablet, telefoon, smartphone en internet

Vanaf 1 januari 2018 wordt het systeem voor de raming van de voordelen verbonden aan het kosteloos ter beschikking stellen door de werkgever van een PC, laptop, tablet, gsm, smartphone, vast of mobiel telefoonabonnement, internetaansluiting geactualiseerd en geharmoniseerd tussen de fiscus en de RSZ.

De forfaitair geraamde bedragen zijn vastgesteld op:

  • 72 EUR per jaar per toestel voor een kosteloos ter beschikking gestelde vaste of mobiele PC;
  • 36 EUR per jaar per toestel voor een kosteloos ter beschikking gestelde tablet of mobiele telefoon;
  • 60 EUR per jaar voor het kosteloos ter beschikking stellen van een internetaansluiting (vast of mobiel; per werknemer wordt maximaal één aansluiting / abonnement in rekening gebracht);
  • 48 EUR per jaar per abonnement voor een kosteloos ter beschikking gesteld vast of mobiel telefoonabonnement.

Loonbonus (cao 90)

Een onderneming die een procedure van collectief ontslag opstart met sluiting van de onderneming kan geen plan voor niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen meer invoeren vanaf de datum waarop het collectief ontslag wordt aangekondigd.

Het RSZ-maximumbedrag van de bonus bedraagt 3.313 euro bruto in 2018.

Wijninckx-bijdrage op premies gestort in een tweede pensioenpijler

In 2018 is nog steeds het tijdelijke stelsel van toepassing. De bijdrage van 1,5% wordt evenwel verdubbeld in 2018; de werkgevers en vennootschappen zullen respectievelijk een bijdrage van 3% moeten betalen voor iedere werknemer en voor iedere zelfstandige bedrijfsleider voor wie de premies voor aanvullend pensioen meer bedragen dan een jaarlijkse grens van 30.000 euro (geïndexeerd).

E-commerce: versoepeling nachtarbeid en zondagsarbeid

Ondernemingen met een vakbondsafvaardiging zullen vanaf 1 januari 2018 via een versoepelde procedure een arbeidsregeling met nachtprestaties tussen 0 u en 5 u kunnen invoeren voor al hun logistieke en ondersteunende diensten verbonden aan elektronische handel (van zowel goederen als diensten zoals bijvoorbeeld het online verkopen van verzekeringen). Dit kan voortaan door het sluiten van een gewone cao met slechts één vakorganisatie in plaats van met alle in de onderneming vertegenwoordigde vakorganisaties.

Voor de elektronische handel van roerende goederen wordt bovendien een bijzonder kader gecreëerd waarin een aantal procedurele versoepelingen voorzien zijn voor een periode van twee jaar, lopende van 01.01.18 tot en met 31.12.19. Wil men nadien deze regels verder toepassen, dan moeten deze vanaf 01.01.20 bestendigd worden in een gewone cao met één vakorganisatie. Zo zal

  • nachtarbeid tussen 0 u en 5 u in ondernemingen met een vakbondsafvaardiging kunnen ingevoerd worden via het arbeidsreglement.
  • nachtarbeid tussen 20 u en 24 u en vanaf 5 u in alle ondernemingen (met en zonder een vakbondsafvaardiging) niet alleen via het arbeidsreglement, zoals dat nu al het geval is, maar ook via een gewone cao kunnen ingevoerd worden.
  • ook zondagsarbeid mogelijk worden, in te voeren via het arbeidsreglement of via een cao met 1 vakorganisatie.

Responsabilisering voor het geven van extra uren aan deeltijdse werknemers

Een deeltijder kan bij zijn/haar werkgever een aanvraag indienen tot het bekomen van een voltijdse dienstbetrekking of van een andere deeltijdse dienstbetrekking met meer arbeidsuren dan die waarin reeds wordt gewerkt. In voorkomend geval moet de werkgever de relevante vacatures die dezelfde functie betreffen als die welke de werknemer reeds uitoefent en waarvoor hij/zij de vereiste kwalificaties bezit meedelen en moet de deeltijder dergelijke dienstbetrekking bij voorrang verkrijgen.

Nieuw voor arbeidsovereenkomsten die afgesloten worden vanaf 1 januari 2018 is dat de werkgever die het voorgaande niet naleeft voor een deeltijder die een inkomensgarantie-uitkering (IGU) geniet, een responsabiliseringsbijdrage verschuldigd is van 25 euro per IGU’er per maand tijdens welke deze verplichting niet nageleefd werd. De wetgeving voorziet wel in een aantal gevallen van vrijstelling waarbij deze bijdrage niet verschuldigd is, bijvoorbeeld als de vrije bijkomende uren betrekking hebben op prestaties tijdens dezelfde tijdsblokken als de prestaties geleverd door de betrokken deeltijdse werknemer.

Uitkeringen voor tijdelijke werkloosheid wegens staking - wijziging van de procedure

De regeling waarbij elke werknemer die in geval van werkloosheid ingevolge een staking aanspraak op werkloosheidsuitkeringen wenst te maken daartoe individueel een dossier moet indienen, bracht een administratieve last voor alle betrokken partijen met zich mee. Deze last wordt zeker als overbodig ervaren wanneer daarna, na negatieve beslissing door het beheerscomité van de RVA, blijkt dat dit niet tot de betaling van uitkeringen leidt.

De nieuwe werkwijze vanaf 2018 schaft in grote mate de verplichte uitkeringsaanvraag voor de werknemer wiens werkloosheid het gevolg is van een staking bij de aanvang van elke staking af en vervangt deze door een éénmalige gezamenlijke elektronische mededeling door de werkgever aan de RVA.

Nieuwe VCA-examens

VCA (Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers) is een certificatieproces waarbij een certificatie-instelling op basis van een doorlichting van het bedrijf en zijn werklocaties nagaat of de aanvrager voldoet aan de criteria voor veilige (onder)aanneming van VCA. Opleidingen spelen hierin een belangrijke rol. Vanaf 1 januari 2018 treedt een nieuw examensysteem in werking! De nieuwe examens zijn bedoeld om ervoor te zorgen dat medewerkers (B-VCA), operationeel leidinggevenden (VOL-VCA) en intercedenten (VIL-VCU) effectiever worden getoetst op het toepassen van hun kennis over veilig en gezond werken. De grootste verandering is een verschuiving van toetsen op kennis naar toetsen op inzicht. De kandidaten krijgen daarom niet meer alleen multiplechoicevragen voorgelegd, maar ook vragen aan de hand van specifieke situaties waarin ze veilige keuzes moeten maken. Bovendien wordt overgeschakeld naar testen via de computer. Elk examen zal er dan ook anders uitzien.

Dubbele uitbreiding van de flexi-jobs

Met ingang van 1 januari 2018 zullen flexi-jobs ook kunnen worden uitgeoefend in andere sectoren dan de horeca (voedingshandel, kleinhandel, grote winkels). Ook gepensioneerden zullen met ingang van diezelfde datum een flexi-job kunnen uitoefenen.

Nuttige bedragen voor de wekgevers

a. Loondrempels

Sinds 1 januari 2018 werden de loondrempels die zijn bepaald in de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten aangepast aan het algemene indexcijfer van de conventionele lonen voor bedienden (BS 17 november 2017):

  • de drempel van 33.472 euro die van toepassing is op het concurrentiebeding (laagste grens) en het scholingsbeding wordt opgetrokken tot 34.180 euro;
  • de drempel van 66.944 euro die van toepassing is op het concurrentiebeding (hoogste grens) en scheidsrechterlijk beding wordt opgetrokken tot 68.361 euro.

Ter herinnering: de bedragen van 2013 blijven nuttig voor het bepalen van «deel 1» van de opzeggingstermijn die van toepassing is op bedienden aangeworven vóór 1 januari 2014:

b. Voor beslag of overdracht vatbare loonbedragen

Sedert 1 januari 2018 zien de voor beslag of overdracht vatbare loonbedragen er als volgt uit (KB van 17 december 2017 tot uitvoering van artikel 1409 §2 Ger.W. en bericht over de indexering van de bedragen voor kind ten laste van het KB van 27 december 2004, beide verschenen in het BS van 27 december 2017):

Het forfaitaire bedrag voor de verhoging voor kinderen ten laste is 68 euro.

c.  SWT en nachtarbeid

Ieder jaar bepalen de sociale partners de herwaarderingscoëfficiënt van de aanvullende vergoeding in geval van SWT (cao nr. 17) en in geval van werkloosheid bij nachtarbeid (cao nr. 46), om rekening te houden met de evolutie van de reële lonen. Op 1 januari 2017 was er geen herwaarderingscoëfficiënt toegepast op de bedragen van cao's nr. 17 en 46. De sociale partners hebben beslist dat de aanvullende vergoedingen worden verhoogd met 0,36% (coëfficiënt 1,0036) vanaf 1 januari 2018. Het maximumbedrag van het bruto refertemaandloon dat dient voor de berekening van de aanvullende brugpensioenvergoeding wordt in 2018 vastgesteld op 3.953,88 euro. De vergoeding ter aanvulling van de werkloosheidsuitkeringen waarin is voorzien door cao nr. 46 betreffende de ploegenarbeid met nachtprestaties wordt in 2018 vastgesteld op 144,01 euro/maand.


Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.

VBO-NIEUWSBRIEF IMPACT

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.