De kanarie in de koolmijn

Een inflatie van meer dan 10%, de loonkostenexplosie van meer dan 20 miljard euro voor de bedrijven, een loonkostenhandicap die opnieuw afstevent op 16% … Allemaal evoluties waar we ons weinig zorgen over hoeven te maken. Tenminste als we het discours van sommige tafelspringers, en zelfs experten, op sociale media mogen geloven. Laten we toch niet naïef zijn! De voorbije decennia hebben ten overvloede aangetoond dat het licht van de zon ontkennen altijd verkeerd afloopt.


Pieter Timmermans, GEDELEGEERD BESTUURDER
25 mei 2022

De uitgestelde, maar vandaag groeiende faillissementsgolf laat immers weinig over aan de verbeelding. Die golf mag zich vandaag dan nog wel beperken tot de kleine bedrijven, het signaal is er. En wie niet luistert naar de kanarie in de koolmijn, zet enorm veel op het spel. 

Vijf signalen, vijf gevolgen

  1. De kerninflatie (zonder rekening te houden met voedsel en energieprijzen) is al gestegen tot meer dan 4%, terwijl zij jarenlang erg stabiel was rond 1,5% en de Europese Centrale Bank 2% als doel stelt. De interestvoeten zullen dan ook stijgen. Geld lenen wordt met andere woorden duurder. De overheid moet meer rente betalen op de overheidsschuld en dat weegt door op het overheidsbudget. Bedrijven die lenen om te investeren, zullen dieper in de buidel moeten tasten.
  2. De loonhandicap van 16%, die bestond op het einde van de regering-Di Rupo (2014) en die onder de regering-Michel werd teruggebracht tot iets meer dan 10% (2019), zal tegen eind volgend jaar weer helemaal terug zijn. Wie hoopt dat Duitsland de lonen even sterk zal laten stijgen als wij Belgen, hoopt verkeerd. Meer nog, de Duitsers vertragen de aanpassing van de lonen aan de stijgende levensduurte zelfs met een jaar doordat ze pas in 2023 loononderhandelingen zullen afronden. Wij Belgen schieten onszelf dus twee keer in de voet: we indexeren sneller (realtime) en volledig, dus met een beduidend hoger percentage dan de concurrentie in onze buurlanden!
  3. Onder meer door de hogere grondstoffenkosten, samen met de fors gestegen energieprijzen en loonindexeringen, dreigen sommige bedrijfsactiviteiten in België te worden stopgezet wegens té verlieslatend. Het zal dan ook zaak zijn om de komende maanden de tijdelijke werkloosheid in het oog te houden. Of misschien nog erger: het aantal herstructureringen of delokalisaties.
  4. Tijdens de piek van de coronacrisis hielden heel wat bedrijven dankzij een set steunmaatregelen het hoofd boven water. Het was zelfs onmogelijk om bedrijven failliet te verklaren. Nu dat moratorium op faillissementen aan zijn einde komt, vertaalt zich dat ook in de cijfers.
  5. Midden 2021 konden veel bedrijven hun rentabiliteit herstellen. Maar onder druk van de (Oekraïne)crisis bovenop de (corona)crisis – die nog altijd woedt in China – en de daaruit volgende prijsstijgingen voor grondstoffen en energie, krimpen de marges opnieuw fors. Het uitstellen van investeringen is het gevolg. En laat die investeringen nu juist de groei en de jobs van morgen bepalen. 

Wie die onmiskenbare signalen naast zich neerlegt, doet aan schuldig verzuim. Wegkijken van de problemen is gemakkelijk. De handschoen opnemen, vraagt moed. Alsof de signalen van de kanarie in de koolmijn nog niet voldoende zijn, willen sommigen de enige bescherming van onze concurrentiepositie, en dus van jobs en inkomen, ook nog onderuithalen. 

Niet sjoemelen, wel behoeden

Inderdaad. Wat met zij die onze laatste verdedigingsmechanismen willen ondergraven? Zij die de loonnormwet van 1996 op de schop willen? Zij die beweren dat de modernisering van die wet in 2017 vol sjoemelsoftware zit, terwijl net het omgekeerde waar is. Want dankzij drie ingrepen haalde de wet van 2017 de bugs uit de wet van 1996:

  1. Zo mogen de lastenverlagingen niet meer worden meegeteld in de berekening van de loonmarge. Dat wel doen zou volgens de vakbonden meer loonmargemogelijkheden bieden. Wat ze niet zeggen is dat we zo in feite de middelen van de sociale zekerheid en de overheid misbruiken om brutoloonsverhogingen mee te financieren en loononderhandelingen te smeren in plaats van de concurrentiekracht van het land – en dus jobcreatie – te vrijwaren. Dat is pas sjoemelen.
  2. De wet van 1996 paste het principe toe dat de overschrijding van de loonmarge bij een volgende ronde bij de nieuwe loonmarge in mindering ‘kon’ worden gebracht. Vakbonden weigerden dit met als motto ‘gegeven is gegeven’. Gevolg: een systematische cumulatieve loonontsporing t.o.v. de buurlanden. De aangepaste wet van 2017 draait als goede huisvader het principe om: eerst minder geven en daarna het ‘te weinig’ automatisch toevoegen aan de volgende loonmarge. Het motto is heel eenvoudig: het is gemakkelijker later iets bij te geven, dan iets achteraf te moeten terugnemen. Maar de vakbonden willen terug naar het oude principe en niet corrigeren als er te veel werd toegekend. Dat is pas sjoemelen.
  3. In het verleden bleek volgens analyses van de CRB dat de loonmarge steevast met 0,7% werd overschat: de verwachte loonstijgingen in de buurlanden werden overschat, de inflatie in België onderschat, met als gevolg een te hoge loonmarge. Daarom bouwde de wet van 2017 een veiligheidsmarge in van 0,5%. Als die veiligheidsmarge achteraf niet nodig blijkt, wordt ze de volgende keer teruggegeven. Maar de vakbonden vinden zo’n veiligheidsmarge voor voorspellingsfouten overbodig. Dat is pas sjoemelen.

Het licht van de zon ontkennen heeft nog nooit een probleem opgelost. Integendeel!” 

Als grootste werkgeversorganisatie van het land willen we ons niet schuldig maken aan schuldig verzuim of onze ogen sluiten voor de realiteit. Wij luisteren naar de signalen van de kanarie. Hoe langer we wachten om in te grijpen, hoe bruusker de ingrepen zullen zijn. Hoe langer we wachten, hoe dichter we opnieuw richting een loonkostenhandicap van 16% evolueren. 

We herhalen dan ook onze boodschap: laten we samen ingrijpen en de kosten van deze crisis over de drie grote actoren van het land spreiden: overheid, werkgevers en werknemers. De economische wetmatigheden zijn wat ze zijn. Blijven aanmodderen of onze enige verdedigingslinie ondermijnen zal de impact niet milderen. Als we nu ingrijpen, kunnen we de economische gevolgen nog indijken, zoniet zullen de economische wetmatigheden pijnlijk hard toeslaan.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN EN PERSBERICHTEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.