Pensioenhervorming: respect voor het intra- en intergenerationele evenwicht

In het licht van de langere levensverwachting en de vergrijzing van de bevolking moet ons pensioenstelsel dringend hervormd worden om ervoor te zorgen dat de jongere generaties een pensioenstelsel hebben dat niet alleen financieel houdbaar maar ook billijk is.


Pieter Timmermans, GEDELEGEERD BESTUURDER Monica De Jonghe, COMPETENTIECENTRUM WERK & SOCIALE ZEKERHEID
02 december 2021

De houdbaarheid van ons pensioenstelsel gaat noodzakelijkerwijs gepaard met een hervorming van de arbeidsmarkt. Die moet ervoor zorgen dat we daadwerkelijk evolueren naar een actieve loopbaan tot 67 jaar. Maar dat alleen zal niet volstaan. Het pensioenstelsel zelf moet ook hervormd worden om die evolutie te ondersteunen.

Bronnen: NBB, SCvV, berekeningen VBO

De voorstellen van de Minister van Pensioenen Lalieux, die nu op tafel liggen, gaan, met uitzondering van het voorstel over de verdieping van de 2e pijler, jammer genoeg niet in die richting. Integendeel, ze hebben eerder de neiging om niet-werken lonender te maken en de pensioenuitgaven te verhogen. Zo is er onder meer de verhoging van de minimumpensioenen (reeds goedgekeurd), de vermindering van het aantal gewerkte jaren om recht te hebben op dat minimumpensioen, de versoepeling van de voorwaarden voor vervroegde pensionering (opnieuw recht op vervroegd pensioen vanaf 60 jaar bij een loopbaan van 42 jaar) en de invoering van een aanvullende regeling voor vervroegde pensionering (zonder responsabilisering van de werknemers).

Gelijktijdig verschillende hefbomen activeren

Wil het pensioenstelsel werknemers aanmoedigen langer te blijven werken, dan is het van essentieel belang dat het pensioenbedrag werken lonender maakt. We beschikken daarvoor over verschillende hefbomen die we tegelijk moeten activeren (naast de verhoging van de pensioenleeftijd, zoals die onder de vorige legislatuur vastgelegd werd), namelijk:

-  De combinatie van een wettelijk pensioen (1e pijler volgens repartitiesysteem) met een aanvullend pensioen (2e pijler volgens kapitalisatieprincipe) aanmoedigen om een behoorlijk pensioen te garanderen. 

-  De link tussen werk en pensioen versterken zodat werken lonender wordt dan niet-werken (de bijdrageplicht van het stelsel versterken en tegelijkertijd het vangnet behouden). 

-  En ten slotte de individuele werknemers meer responsabiliseren, onder meer door de huidige mechanismen gebaseerd op een recht om vroegtijdig te stoppen met werken dat volledig gefinancierd wordt door de gemeenschap, te vervangen door individuele regelingen op basis van incentives om te blijven werken en financiële ontmoedigingen voor hen die vroegtijdig stoppen met werken.

Een afdoende spreiding van de inspanningen

Tegelijk  is grondig overleg nodig over de solidariteitsmechanismen tussen generaties en binnen eenzelfde generatie. In dat opzicht moeten we minstens drie vragen onderzoeken:

-  Hoe vinden we het evenwicht tussen solidariteit en het principe van bijdrageplicht (pensioen hangt samen met de tijdens de loopbaan gestorte bijdragen) in het pensioenstelsel? 

-  Hoe spreiden we de economische en demografische risico’s zo correct mogelijk onder de verschillende generaties (dus hoe moeten de inkomsten en de pensioenuitgaven evolueren in functie van de economische en demografische situatie opdat niet alleen de beroepsbevolking de inspanningen levert)?

-  Hoe kunnen we de verschillende pensioenstelsels uniformeren (werknemers en contractuelen, statutairen en zelfstandigen) en welke eigenheden van de verschillende stelsels moeten gevrijwaard blijven? 

Die denkpistes zullen bestudeerd worden door een panel van experten tijdens een rondetafelgesprek dat in januari 2022 zal plaatsvinden op het VBO.

De combinatie van die maatregelen zal moeten leiden tot een duurzaam, homogeen en rechtvaardig pensioenstelsel, dat eventueel de vorm van een puntensysteem kan aannemen.

Een puntensysteem heeft als voordeel dat het zichzelf reguleert, het corrigeert zichzelf namelijk automatisch afhankelijk van de economische en demografische ontwikkelingen. Kortom, het stelsel blijft werkbaar op lange termijn (op voorwaarde dat met de juiste parameters wordt gewerkt) zonder dat bij elke ontwikkeling nieuwe politieke beslissingen nodig zijn. Met een puntensysteem kunnen we de verschillende stelsels bovendien uniformeren.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN EN PERSBERICHTEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.