G10 en woon-werkverkeer - Geen verkeerd signaal geven

Door de stijgende brandstofprijzen heeft de regering beslist om een enveloppe van 30 miljoen euro vrij te maken om werknemers die hun verplaatsingen tussen de woonplaats en de werkplek met hun eigen auto afleggen te ontlasten. De Groep van Tien heeft aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) gevraagd om een cijfermatige analyse uit te voeren om die enveloppe zo goed mogelijk en op basis van objectieve gegevens te kunnen verdelen. De werkgeversbank is er klaar voor ... maar de vakbonden weigeren het debat!


Monica De Jonghe, COMPETENTIECENTRUM WERK & SOCIALE ZEKERHEID Eloïse de Villegas, COMPETENTIECENTRUM ENERGIE, KLIMAAT & MOBILITEIT Marie-Noëlle Vanderhoven, COMPETENTIECENTRUM WERK & SOCIALE ZEKERHEID
04 mei 2022

De regering heeft de G10 namelijk gevraagd om voorstellen uit te werken voor de verdeling van die enveloppe van 30 miljoen euro voor de financiële tussenkomst in de kosten van het woon-werkververkeer en om te onderzoeken hoe het gebruik van de trein en het openbaar vervoer meer aangemoedigd kan worden.

De werkgeversorganisaties hebben hun huiswerk gemaakt aan de hand van cijfers van de CRB en werkten voorstellen uit die op al haar vragen een antwoord bieden.

Wat het woon-werkverkeer betreft, ongeveer 1,5 miljoen werknemers uit de privésector verplaatsen zich met hun eigen wagen. Een rechtlijnige verdeling van de enveloppe van 30 miljoen euro zou bijgevolg betekenen dat elke werknemer een eenmalige aanvullende cheque van 20 euro krijgt. Die versnippering heeft niet veel zin, vooral omdat de impact van de stijgende brandstofprijzen niet gelijk is voor alle werknemers.

Voor de werkgeversorganisaties is een uitbreiding van de beschikbare enveloppe niet de oplossing. Wel moet ze zo goed mogelijk besteed worden en die werknemers bereiken die de impact van de stijgende brandstofprijzen het sterkst voelen.

Door de stijging in 2022 te analyseren ten opzichte van 2021 merken we – zoals verwacht – op dat de extra kosten voor de werknemer sterk variëren afhankelijk van de woon-werkafstand. De extra kosten voor een werknemer die op ongeveer 10 à 15 km van de werkplek woont, bedragen ongeveer 8,50 euro per maand en kunnen oplopen tot 48 euro per maand voor de werknemers die op meer dan 50 km van hun werkplek wonen.

De woon-werkafstand zou daarom een eerste criterium moeten zijn voor de verdeling van de enveloppe. Omwille van de consistentie stellen de werkgevers voor om geen aanvullende premie toe te kennen aan werknemers die op minder dan 15 km van hun werkplek wonen. De beste bescherming tegen de stijgende brandstofprijzen is voor die afstand natuurlijk het gebruik van het plaatselijke openbaar vervoer of de (eventueel elektrische) fiets. Ter indicatie, slechts een derde van de werknemers die hun eigen wagen gebruiken voor woon-werkverkeer woont op 15 km of meer van de werkplek.

Het zou dus zinvol zijn om gerichter te werk te gaan door ook andere criteria, zoals een loongrens, op te nemen, om ervoor te zorgen dat enkel de werknemers met een beperkter inkomen een aanvullende compensatie ontvangen, die dan wel groter is. De enveloppe zou dan immers over een kleiner aantal personen verdeeld worden.

Bovendien stellen de werkgevers voor om het Flex-abonnement, dat onlangs in het leven werd geroepen door de NMBS, toe te voegen aan cao 19/9 om het gebruik van de trein aan te moedigen. Zo worden de werkgevers verplicht om voor 70% tussen te komen in de kost van die abonnementen. Er wordt ook bekeken hoe de 60 miljoen euro die de federale regering in 2022 heeft vrijgemaakt, zo goed mogelijk kan worden ingezet om het gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer aan te moedigen.

Het is belangrijk we geen verkeerd signaal geven: verplaatsingen met de eigen wagen mogen niet de nieuwe norm worden. Integendeel. We moeten – daar waar mogelijk – fietsen, carpoolen, het openbaar vervoer en andere alternatieven voor de auto blijven aanmoedigen.

De werkgevers zijn klaar om opnieuw rond de tafel te zitten en, met inachtneming van de toegewezen enveloppe, een passende oplossing te zoeken.

Foto ©belga

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN EN PERSBERICHTEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.