Onze sociale zekerheid zal performant of zal niet zijn

Los de problemen in de sociale zekerheid op door de werkgevers en de overheid nog meer te laten betalen. Dat was samengevat de boodschap van de vakbonden in hun opiniestuk van 26 september 2019. Alsof het alleen maar goed kan gaan met de sociale zekerheid als er meer en meer geld naartoe gaat. Deze visie houdt geen rekening met de echte problemen: de overmatige stijging van de uitgaven (o.a. omwille van de vergrijzing), het gebrek aan efficiëntie (duur staat niet altijd gelijk aan performant), de hoge lastendruk op arbeid, het begrotingstekort van 12 miljard euro, enz. We moeten de sociale zekerheid redden, maar we gaan dat niet doen door alle lastige puntendood te zwijgen. Het is tijd voor een nieuw Sociaal Pact, waarin de sociale partners de lijnen uitzetten voor de toekomst. Dat is onze kerntaak. Wij willen hierover met de vakbonden in gesprek gaan, maar dan moet wel met open vizier en zonder taboes.


Pers, COMMUNICATION & EVENTS
27 september 2019

De analyse van de vakbonden in DS van 26 september over de financiering van de sociale zekerheid snijdt geen hout. Basisstelling is dat de werkgevers te weinig bijdragen zouden betalen door de vele “cadeautjes” die ze van opeenvolgende regeringen hebben gekregen: een lastenverlaging door de taks shift, specifieke statuten zoals flexi-jobs en studentenarbeid en veel te veel loonvoordelen die zijn vrijgesteld. Deze stelling klopt objectief gezien niet. De bijdragen aan de sociale zekerheid stijgen volgens de meerjarenramingen met 17,3% tegen 2024. Dit als gevolg van de loonsverhogingen die verwacht worden en de jobs die door de gewraakte maatregelen zijn gecreëerd. De groei van de werkgelegenheid slabakt helemaal niet, maar steeg tussen 2017 en 2019 met 2 procentpunt van 67,9% naar 69,9%. Daarnaast is er het debat over de flexi-jobs en studentenarbeid. Deze statuten verdringen geen andere jobs, maar zijn er net een aanvulling op.

De werkgevers betalen dus zeker genoeg bijdragen in de sociale zekerheid. Dat blijkt ook uit alle internationale statistieken. We zijn wereldkampioen in lasten op arbeid. Die moeten net verder omlaag om onze ondernemingen competitief te houden en de creatie van bijkomende jobs verder aan te zwengelen. Volgens Eurostat is België bovendien niet alleen de kampioen in lasten op arbeid, maar ook in lasten op kapitaal. Die bedragen 11,3% van het BBP, tegenover 8,5% gemiddeld in de Eurozone. We hebben er in alle vormen en maten: de roerende voorheffing, de onroerende voorheffing, de registratierechten bij de aankoop van een woning, schenkings- en erfenisrechten, enz. 

Het probleem in de sociale zekerheid ligt dan ook niet bij de bijdragen, maar bij de uitgaven. Die stijgen tegen 2024 met 23,9% en zijn daarmee de hoofdoorzaak voor het federale begrotingstekort van 12 miljard euro. De belangrijkste redenen voor de stijging van de uitgaven liggen in de gezondheidszorg, de stijging van het aantal gepensioneerden en arbeidsongeschikten en voorgeprogrammeerde bijkomende uitgavenstijgingen via de zogenaamde welvaartsaanpassingen. Je kan de sociale zekerheid niet redden zonder daar een geloofwaardig antwoord op te formuleren.

Een belangrijke sleutel blijft nog altijd om met zoveel mogelijk mensen zo lang mogelijk aan de slag te zijn. De voorbije jaren is op dit punt al veel vooruitgang geboekt. Recent spraken we met de vakbonden af dat het brugpensioen onder 60 jaar afgesloten wordt vanaf juli 2021. Het werk is echter nog niet gedaan. We moeten elkaar diep in de ogen durven kijken en bespreken hoe we langer werken nog meer in de praktijk kunnen brengen. Het helpt daarbij alvast niet om genomen beslissingen over de pensioenleeftijd steevast in vraag te stellen en te betwisten. De stijging van de levensverwachting is een feit. Een stijging van de loopbaanduur moet volgen om de pensioenen te kunnen blijven betalen.

Ook over de arbeidsongeschiktheid moeten we elkaar kunnen vinden. Ons land telt al meer dan 425.000 mensen die langdurig thuis zitten. Tegen 2024 komen er daar 25% bij. We moeten vermijden dat mensen in de
langdurige arbeidsongeschiktheid terecht komen en we moeten hen sneller terug op de arbeidsmarkt krijgen. Ook hier moeten we weg van de eenzijdige verhalen. Het is bijzonder nefast dat vakbonden de re-integratietrajecten als een ontslagmachine framen, terwijl alle experten en de mensen op het terrein het er over eens zijn dat het vaak beter is om na langdurige ziekte in een andere functie aan de slag te gaan.

We moeten ook met elkaar durven spreken over de welvaartsaanpassingen. Het gaat om verhogingen van de uitkeringen, bovenop de automatische indexering. Tegen 2024 betekent dit alleen al in het werknemersstelsel een extra uitgave van 1,9 miljard euro. Een deel ervan is niet te verantwoorden omdat de uitkeringen hierdoor sterker stijgen dan de lonen van de werknemers. Wij vinden dit niet logisch. Bovendien moeten we dit systeem fundamenteel durven te herdenken. Waarom alleen de uitkeringen verhogen, terwijl we eerder mensen moeten prikkelen om (opnieuw) aan het werk te gaan?

Overkoepelend is er ook een probleem van efficiëntie. We geven zeer veel uit aan sociale bescherming, maar maken weinig keuzes. Daardoor is er veel verspilling, maar worden mensen die het echt nodig hebben soms ook niet voldoende opgevangen. We moeten meer duidelijke lijnen durven trekken.

In 2019 werd 75 jaar Sociaal Pact gevierd. In 1944 werd hiermee de basis gelegd voor onze sociale zekerheid. Het is een bouwwerk geworden waar we trots op mogen zijn. Vandaag is het echter aan een grondige renovatie toe. De wereld ziet er fundamenteel anders uit en ook de sociale zekerheid moet evolueren. Belangrijke principes zoals solidariteit, verantwoordelijkheid, loon naar werken, responsabilisering en een gelijke behandeling van al wie werkt, moeten een hedendaagse vorm krijgen. Er moet een nieuw Sociaal Pact komen dat de volgende 75 jaar kan doorstaan. Dit is een kernopdracht voor de sociale partners. Alleen vakbonden en werkgeversorganisaties samen kunnen hiervoor het nodige draagvlak vinden. Daarvoor moet iedereen wel bereid zijn om van het wij-zij verhaal af te stappen en voor het algemeen belang te gaan. Wij steken de hand alvast uit.

Pieter Timmermans (VBO)         Danny Van Assche (UNIZO)       Pierre-Frédéric Nyst (UCM)

Monica De Jonghe (VBO)          Sonja De Becker (Boerenbond)

Deze opinie werd op 27 september gepubliceerd in De Standaard.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.